Morib, Maleisië

Naar de GOLD COAST.

6 februari 2018 - Morib, Maleisië

Vandaag gaan we naar Morib. Morib ligt aan de Gold Coast van Maleisië. We hebben maar een relatief korte afstand te fietsen dus we hebben de hele middag om ons te vermaken op het mooiste strand van Maleisië. De ‘place to be’ waar je gezien wil worden en waar je moet hebben vertoefd als je de boekjes over Maleisië goed leest. 

De avond ervoor zitten we ons al te verlekkeren aan de hotels die daar allemaal ‘Resort’ heten. Het is ‘great’ of ‘Villa’ of ‘Luxe’ of zelfs ‘Magnificent’. Na even puzzelen zijn we er uit en kunnen we het aanbod van Gold Coast Morib Resort niet laten lopen. We boeken want stel je voor dat deze kamer met jacuzzi net voor je neus wordt vergeven aan een andere vakantieganger die misschien al dagen aan stranden heeft gezeten. Nee dan verdienen wij deze kamer veel en veel meer, na al die kilometers fietsen. Nog een paar klikken op de iPad en yes, we hebben geboekt. Een paar tellen later komt de bevestiging binnen. ‘Congratulations your room with jacuzzi is booked for you’.

Ons vertrek uit het hotel van ’haut grandeur’ in Klang was niet ons beste van de afgelopen weken. Het is vast ooit een prachtig hotel geweest en het straalde nog steeds de grandeur uit die het ooit gehad moet hebben. Het hotel heeft meer dan 300 kamers, 23 verdiepingen, conferentiezalen zo groot als halve voetbalvelden, een zwembad op de achtste etage en zalen speciaal voor grootse bruiloften van Sultans en er zijn meerdere restaurants. Als we om half acht beneden komen, vragen we of er iemand is die de deur kan openen zodat wij onze fietsen kunnen pakken. De security wordt opgeroepen. Ja zo gaat dat in hotels van dit kaliber. Onze fietsen komen uit een beveiligde ruimte en we zetten de fietsen even in de hal en gaan ontbijten. Twee dames staan in vol ornaat klaar om ons van dienst te zijn. Denken wij. Er zijn vandaag vier mensen voor een ontbijt. De dames schieten meteen in stress. Ontbijt?? Huh? We zijn niet de moeilijkste en vragen twee gebakken eieren en wat toast. Sorry dat kan niet. Dat kan niet? Over een half uur dan is de chef er! De chef? Ja die heeft de sleutel. Maar jullie bieden ontbijt vanaf 07:00 uur. Ja dat klopt. Weet de chef dat dan ook? Zou toast met marmelade wel lukken met z’n tweeën? Er wordt een plan van aanpak gemaakt. Even later hebben we onze toast met kokosjam. Wat? Ja, jam gemaakt van kokosnoten. Beetje aparte smaak. Inmiddels zijn we eraan gewend. We laten ons niet uit het veld slaan, we zijn in Azië en we gaan tenslotte naar de Goldcoast. Tadadadada.

Als we met onze spullen beneden in de hal komen zijn onze fietsen weg. Huh? Onze fietsen zijn door security 2 weer binnen gezet. Ja zo gaat dat in een hotel van dit kaliber. Geen enkel risico en je moet toch ook wat doen met 300 kamers en vier gasten. Nou dacht ik dat onze fietsen veilig waren opgeborgen in een mooie afgesloten ruimte waarvan de deur keurig op slot ging gisteren. Nu blijkt dat een andere deur twee meter verder gewoon open staat en ook toegang geeft tot dezelfde ruimte. Soit, we halen onze fietsen weer uit de ‘beveiligde’ ruimte.

We worden wel hartelijk uitgezwaaid door de twee ontbijt-dames die daar nog net even de tijd voor konden vinden. “Bye, bye, see you again”. Nou dat denken we niet hoor, zeggen we in koor. 

We rijden Klang uit. Waar moet dit hotel nou ooit voor bedoeld zijn, denken we hardop als we nog een keer omkijken. We hebben eerst een stuk drukke weg om Klang uit te komen, maar daarna rijden we op rustige wegen steeds meer richting kust. Het is gelukkig een beetje bedekt en de zon schijnt niet zo heel hard vandaag. De warmte lijkt ook wel mee te vallen. We drinken onze dagelijkse ice-coffee op een schommelbank voor een huis bij mensen in de tuin. We nemen steeds meer de gewoonten over van de Aziaten. Tenminste zo wil ik de vriendelijkheid van Aziaten nu interpreteren. En het komt me nu wel zo goed uit want ik zie geen andere stoel.                

Na ruim twee uur fietsen we weer regelmatig met de zee aan onze rechterhand. We naderen onze bestemming van vandaag. We zien op drie kilometer de eerste borden met aanwijzing dat we weldra de Goudkust zullen binnen rijden. Nog 300 meter en dan naar rechts. Eh, hier? Ja dit is 300 meter. We rijden langs een bewaker die een slagboom omhoog moet doen om ons binnen te laten op een geweldig groot terrein met een kolossaal gebouwen complex. Hij komt op ons af met een houding ‘wat hebben jullie hier te zoeken?’ Omdat we gereserveerd hebben kunnen we door. Voor de receptie schrikt iemand wakker en meent dat onze fietsen daar midden op de rotonde voor de receptie echt niet kunnen staan. Ik draai 360 graden in de rondte en zie in de verste verte geen andere auto of bezoeker. Er staan wel heel veel brommers, maar die zijn van het personeel. Dat kan natuurlijk wel, maar onze fietsen hier? Nee sorry dat kan echt niet. We lopen naar de receptie waar paaltjes en rode koorden, net als bij de Efteling, de wachtende gasten in goede banen moeten leiden. Nutteloze dingen en verschrikkelijk lachwekkend. De receptionist vraagt ons reserveringsnummer alsof er nog honderden reserveringen zijn. We zien verder helemaal NIEMAND. We hebben het gevoel dat we de enige gasten zijn en figureren in Fawlty Towers. Het voelt alsof we sinds lange tijd de eerste gasten zijn. Wat een deceptie is dit zeg. Het lijkt wel of iedereen chagrijnig is omdat er weer een gast komt. Wat een gedateerd complex is dit. We krijgen de keycard van onze kamer en warempel speciale bandjes voor onze pols voor de zwembaden. Stel je voor dat je zonder bandje als enige gast binnendringt in het ‘zwemparadijs’. We vrezen het ergste, maar in vergelijking met de troosteloze buitenkant van ons paradijs aan de Goudkust, valt de kamer mee. Het blijkt een ruime kamer met alles wat je mag verwachten en inderdaad een jacuzzi. Jammer dat de jacuzzi een kraan en een stop mist. Als je de jacuzzi aanzet, komt er nu alleen maar lucht uit. Dat is dan weer wel zo handig om de was te drogen. Het geheel is zo gedateerd dat het onze eerste echte domper is qua hotels, omdat we er zo veel van hadden verwacht. Maar ook dit kunnen wij hebben. Maar dat ze in zo’n resort geen WiFi hebben en we ons weblog niet op tijd kunnen uploaden vinden we vervelender. 

Het hele resort ademt een sfeer uit van verval. Het is echter zo groot dat er wel honderden mensen moeten kunnen worden ondergebracht. In de weekeinden schijnt het drukker te zijn, maar nu is er dus niets aan. Het strand hier is ook niet mooi. Het is breed en de zee is ergens ver weg. Geen fijn zand, maar beetje modderig.  Maar gelukkig is onze kamer oke dus vermaken we ons op de kamer. Met lezen en schrijven!

Bij binnenkomst vroeg ik netjes waar we de fietsen voor de nacht kunnen stallen terwijl ik met een weids armgebaar de gigantische ontvangstruimte aanwijs. Er is zo veel ruimte dat onze fietsen er niet eens zouden opvallen. Tja, daar had ik dus even te makkelijk over gedacht. Dat gaat receptionist 1 even vragen aan receptionist 2. Tja, moeilijk, moeilijk. Receptionist 2 loopt naar bewaker van de rotonde. Tja, hmm, samen kijken ze in de rondte of ze een plek kunnen vinden. Er kunnen duizenden fietsen worden weggezet, als je het mij vraagt.

Het beste is dat we ze mee nemen naar de kamer. Naar de kamer? Ja de kamer. “Praat ik Chinees?”, zie ik hem denken. Nou volgens mij wel. 

We willen gaan eten, maar houden ons hart natuurlijk al vast. We lopen de pijltjes achterna met de bordjes breakfast/lunch/diner en komen in een balzaal waar één Chinese familie aan het eten is. Een ober komt meteen naar ons toe, dat dan weer wel. Hij zegt meteen: “Only steamboat”. Nou zijn we inmiddels zo ervaren dat we gelukkig weten wat dat is, anders denk je toch, wat heb ik nu aan mijn fiets hangen. Steamboat is een metalen soort omgekeerde tulband die wordt gevuld met water en wordt verhit. Je krijgt een grote schaal met eten, meestal etenswaren die lijken op gemixte snacks die wij in de olie zouden frituren. Hier gooien ze dat dan huppetee meteen in één keer in het kokende water en dan na 10 minuten kun je het eten (uiteraard met stokjes) en dippen in een sausje. 

“No thanks!” Vandaag niet zo’n trek in. Hij verwijst ons naar het à la carte restaurant aan het strand. Vanmiddag was dat nog gesloten, maar warempel het is open en .... er zit niemand, maar er is wel acht man personeel. We besluiten snel tot het meest veilige: nasi goreng met twee cola. 

Even later komt de ober terug met twee warme blikjes cola en twee geinige roze rietjes door het lipje gestoken. Dat gaan we niet opdrinken. Hij heeft wel ijs, maar dat willen we niet. We halen zelf in de winkel van het resort twee koude cola. De nasi smaakt nog prima ook. Als we willen afrekenen, zwaaien we allebei dat het een lieve lust is naar de 8 personeelsleden. Tja, het is zo druk hier, dat het even duurt voordat ze door hebben dat wij willen betalen. 2 x 9 Ringit wordt uitgerekend met de rekenmachine en gecontroleerd door de cheffin van de kassa. 

Morgen gaan we naar PD ofwel Port Dickson. Ook zo’n soort Goldcoast. Vol verwachting klopt ons hart...

Van reisblog naar fotoboek
Laat een prachtig fotoboek afdrukken van je verhalen & foto's. Al vanaf € 21,95.
reisdrukker.nl

Foto’s

2 Reacties

  1. Eeke en Henk:
    7 februari 2018
    wel relaxt ,met zijn 2en in zo'n grote eetzaal. jullie voelen je vast een vip. ha ha. maar ook prachtige foto's!! is dat rijst in die pijpjes ? en de spieren zijn zeker wel los met
    al die cola. gr.jes van ons en tot morgen.
  2. Hans&Fabienne:
    7 februari 2018
    In die pijpjes zit rijstebloem en daarna rollen ze het in kokos. Lekker zoet, maar voor ons heerlijk tijdens of na het fietsen.

Jouw reactie